Selecteer een pagina

Het was een geruststellende gedachte. De burgemeester waar onze nieuwe straat naar was vernoemd, heette Johan. Net als Stekelenburg. Ons huis kon niet anders dan een goed nest worden. Het was de prachtige nazomer van 2003, en de eerste associatie was een warme. De aankoop werd gevierd met ijs. Roomijs met het laatste rode fruit van het seizoen. De stulp was gekocht, maar nog niet betrokken. Tegen de Kerst konden we erin. Er was voldoende tijd om ons te verdiepen in de achtergronden van Burgemeester van Meurs. Johan dus. Notariszoon. Ongehuwd.Johan Meurs Onbesproken. Best saai, eigenlijk. Vonden we. Hoog tijd om er zelf was heroïek omheen te verzinnen. Waarom werd hij plotseling benoemd tot president-burgemeester, zo kort na de Slag bij Waterloo? Had hij dat bekonkeld met kroonprins Willem II? Die vervolgens ook een kast van een huis voor hem regelde in de Heuvelstraat? Naast Baron de Tombe? En had die iets te maken met de Tombe van Napoleon, de keizer die na zijn nederlaag zulke verontwaardigde grimassen trok dat ze zuurtjes naar hem hebben vernoemd? De zon scheen uitbundig, en de oude Van Meurs werd met de dag interessanter. Tot we met een schok weer in het heden belandden. Stekelenburg overleed. En opeens was het herfst in Tilburg. Zelden vielen de bladeren zo troosteloos als die septembermaandag. Johan die van het leven genoot, was dood. Terwijl de Johan die allang dood was, steeds meer begon te leven. Bijna vijftien jaar geleden was dat. En nog steeds, als de nazomer zijn einde voelt naderen, wordt de Van Meursstraat een stukje van Stekelenburg. Johan wordt bij ons gevierd met ijs. Roomijs met het laatste rode fruit van het seizoen. En altijd weer op naar een nieuwe lente.

Share This